Toepen – het kaartspel

Toepen is een fantastisch en razendsnel kaartspelletje dat je eigenlijk met iedereen kunt spelen. Het is hét spel van bluf, stalen zenuwen en een beetje geluk. Wij spelen het meestal als we met drie of meer personen zijn en even zin hebben in wat actie!

Er zijn veel varianten, maar dit is de manier waarop wij het meestal spelen:

  • Neem uit een kaartspel de 32 hoogste kaarten (7 t/m Aas).
  • Let op de volgorde! Bij toepen is de 10 de allerhoogste kaart. Daarna volgen de 9, 8, 7 en dan pas de Aas, Heer, Vrouw en de Boer (de 7 is dus hoger dan de Aas).
  • Iedereen krijgt 4 kaarten.
  • Het doel is om de laatste slag te winnen.

Hoe te spelen?

De deler geeft iedereen 4 kaarten, je deelt bij toepen niet één voor één maar twee kaarten tegelijk met de klok mee. De speler na de deler komt uit. Net als bij hartenjagen moet je ‘kleur bekennen’. Komt de eerste speler bijvoorbeeld uit met klaveren, dan moet je zelf ook je kaart van klaver opleggen, zelfde voor ruiten, harten schoppen. Heb je de kleur niet? Dan mag je een andere kaart van een andere kleur bijleggen, maar je kunt de slag dan nooit winnen. De hoogste kaart in de kleur die is uitgekomen, wint de slag en mag de volgende kaart uitkomen.

Kaarten die op tafel worden gelegd, blijven liggen. Je pakt dus geen kaarten “als een slag” van tafel op! Iedereen legt een kaart voor zich neer als die aan de beurt is. Aangezien het alleen maar om de laatste slag gaat, hoeven kaarten niet opgepakt te worden. Dat je kaarten op tafel kan laten liggen maakt het spel ook lekker snel.

Het venijn zit hem in de laatste (vierde) slag. Alleen de winnaar van die laatste slag krijgt géén strafpunten. De rest krijgt de punten van de huidige inzet (het spel begint standaard op 1 strafpunt).

“Ik toep!”

Tijdens het spel mag je op tafel kloppen (meestal met je knokkels) en “Ik toep!” roepen. Hiermee verhoog je de inzet met 1 punt. De andere spelers moeten dan, met klok mee, één voor één eerst kiezen:

  1. Meegaan: Je speelt door voor de nieuwe, hogere inzet.
  2. Passen: Je stopt meteen en krijgt de oude inzet als strafpunten (1 punt als er voor het eerst getoept wordt).

Let op: als jij al getoept hebt, mag je niet meteen zelf nog een keer toepen. Je mag pas weer toepen nadat eerst iemand anders getoept heeft. Je mag dus niet over je eigen toep heen toepen.

Even een voorbeeldje

Stel je voor: we spelen met zijn vieren (Arie, Bert, Carla en jij).

  1. De eerste slagen: Arie komt uit met harten Boer. Iedereen moet kleur bekennen, dus als je harten hebt, moet je die leggen. Jij hebt de harten 10 (de hoogste!) en wint de slag. Je komt daarna zelf uit met klaveren 7.
  2. Het toepen: Bert kijkt in zijn kaarten, heeft goede moed en klopt op tafel: “Ik toep!”. Nu moet iedereen kiezen. Arie heeft slechte kaarten en past (hij krijgt 1 strafpunt). Jij en Carla gaan mee met Bert. De inzet is nu 2 punten voor de verliezers van deze ronde.
  3. De ontknoping: Er wordt doorgespeeld tot de vierde slag. Carla komt uit met ruiten 9. Jij hebt ruiten 10 en Bert heeft ruiten Aas. Omdat de 10 hoger is dan de Aas, toep jij nu! Het gaat dan van 2 naar 3 punten. Bert past (zijn Aas verliest al van de ruiten 9 van Carla) en krijgt twee strafpunten. Carla wil het wel zien. Jij legt de 10 neer en wint de laatste slag!
  4. De uitslag: Jij wint de ronde en krijgt 0 punten. Omdat er getoept was, kreeg Bert 2 punten, en Carla ging ook mee toen jij over-toepte en krijgt er zelfs 3 bij op haar scorelijst. Arie had al gepast en blijft bij zijn 1 strafpunt.
  5. Schudden en delen: Omdat jij hebt gewonnen pak je alle 32 kaarten, goed schudden en dan weer per 2 kaarten uitdelen. Arie zit links van je en mag weer beginnen, want degene na de winnaar/deler komt weer uit.

Speciale regels

Om het spel extra leuk te maken, gebruiken wij deze regels:

  • Degene die een potje wint deelt de kaarten. Degene na de winnaar mag uit komen voor een nieuw potje. Uitzondering bij uitkomen is wie op pelt komt zie verderop.
  • Vuile was: Heb je vier plaatjes (Boer, Vrouw, Heer, Aas) in je hand? Dan heb je “vuile was”. Je mag je kaarten dan gedekt inruilen voor vier nieuwe. Maar pas op: iemand mag je gedekte vuile was controleren! Is het echt vuile was? Dan krijgt de kijker een strafpunt. Had je stiekem toch een 7, 8, 9 of 10 in je hand? Dan was het “valse was” en krijgt de ruiler het strafpunt.
  • Op pelt staan: Als je op 14 punten staat, sta je “op pelt”. Je weet dat je bij verlies “dood” bent (af bent). Daarom wordt er bij de start van die ronde automatisch getoept, er mag verder ook niet getoept worden als iemand op pelt staat. Het spel begint voor iedereen dus meteen op 2 punten. Er wordt gewoon gedeeld, en de andere spelers mogen in hun kaarten kijken en besluiten om direct te passen voor 1 punt. Past iedereen? Dan wint degene die “op pelt” staat zonder te spelen en wordt er opnieuw gedeeld! Degene die als laatste met 14 punten op pelt kwam, mag altijd uit komen. Omdat de speler op “pelt” niet veilig naar “vuile was” kan kijken mag die alleen open geruild worden door andere spelers.
  • De laatste twee spelers allebei “op pelt”? Dan is het strijd der titanen! Allebei de spelers krijgen niet 4, maar 8 kaarten. De winnaar is de winnaar van het spel!

Hoe werkt de puntentelling?

Bij toepen wil je juist geen punten halen. De punten die je oploopt door te verliezen of door te passen na een “toep”, worden bij elkaar opgeteld. Zodra een speler 15 punten heeft bereikt, is diegene “af” (of “dood”). De rest speelt door tot er één winnaar overblijft.

Punten worden geturfd, tot vijftien.

Kan ik ook met drie of vijf spelers spelen?

Zeker! Toepen werkt prima met elk aantal vanaf drie personen. Omdat je maar 4 kaarten per persoon gebruikt, kun je zelfs met een grote groep spelen. Wij vinden het met drie tot vijf spelers het leukst, omdat de kans dan groter is dat er iemand tussen zit met een 10 die jouw plannen dwarsboomt!

Strategie

Toepen is een echt psychologisch spel. Omdat alleen de laatste slag telt, kun je de eerste drie slagen expres lage kaarten gooien om anderen zand in de ogen te strooien. Heb je die 10 van een kleur in je hand? Dan weet je bijna zeker dat je de laatste slag wint als die kleur wordt uitgekomen.

Bluffen kan! Durf te toepen! Ook als je geen goede kaarten hebt, kun je anderen wegjagen die misschien wel iets betere kaarten hebben maar niet durven te gokken. Maar doe het met mate, want voor je het weet sta je zelf op 14 punten en sta je “op pelt”!

Nog vragen? Laat het ons weten en anders: veel plezier met toepen!

Melle
Melle
24 posts
1 follower

Fediverse Reactions

Fediverse Reactions

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *